Het LECK stelt regelmatig drie vragen aan professionals die in hun werk te maken hebben met het signaleren van kindermishandeling. Deze keer spreken we met Judith Kuypers, voorzitter van het Landelijk Netwerk Veilig Thuis.
Veilig Thuis speelt een belangrijke rol bij situaties waarin sprake is van intieme terreur en zorgen over de veiligheid van kinderen. Door bewustwordingscampagnes weten mensen ons steeds vaker eerder te vinden en nemen zij contact op bij vermoedens van huiselijk geweld of intieme terreur. Onze rol is dan om door te vragen en te helpen duiden wat er speelt. We stellen concrete vragen, bijvoorbeeld over het verloop van de relatie en gebeurtenissen binnen de relatie, om signalen van intieme terreur beter in beeld te krijgen. Op basis daarvan geven we advies. Ook wanneer femicide heeft plaatsgevonden, kan Veilig Thuis betrokken zijn bij de ondersteuning en veiligheid van achterblijvende kinderen. In het rondetafelgesprek over kinderen na femicide delen we praktijkinzichten over onze rol.
Na een melding maken we steeds een zorgvuldige inschatting van de veiligheid en stemmen we onze aanpak daarop af. Dat betekent dat we bij mogelijke intieme terreur een andere aanpak hanteren dan wanneer er sprake is van situationeel huiselijk geweld. Bij een vermoeden van intieme terreur is het bijvoorbeeld niet passend om ouders gezamenlijk te spreken, terwijl dat bij incidenteel geweld wel waardevol kan zijn. We zetten heel voorzichtig stappen en werken eerst aan een veiligheidsplan voor het hele gezinssysteem voordat er verdere acties plaatsvinden.
Om dit goed te borgen is intieme terreur een vast onderdeel van de basistraining van Veilig Thuis-medewerkers, aangevuld met extra scholing. Mijn zorg is dat dit bij andere professionals nog niet altijd voldoende op het netvlies staat, waardoor signalen mogelijk gemist worden. Daar ligt nog een belangrijke opgave; om samen met onze ketenpartners het aantal keren dat er femicide plaatsvindt te verminderen, door eerder de signalen van intieme terreur te herkennen en daar actie op te ondernemen.
Aandacht voor kinderen van slachtoffers van femicide of partnerdoding is ongelofelijk belangrijk. Dat betekent dat je écht naar het hele systeem kijkt, en dus ook met kinderen in gesprek gaat en onderzoekt wat zij nodig hebben. Dat kan gaan om opvang, traumabehandeling en praktische of juridische ondersteuning. In de praktijk zien we dat dit nog niet altijd goed gebeurt. Soms worden kinderen afgeschermd, waardoor zij bijvoorbeeld niet bij belangrijke spullen kunnen omdat er in het huis forensisch onderzoek plaatsvindt, of niet goed afscheid kunnen nemen van een familielid. Terwijl juist goed luisteren naar kinderen en aansluiten bij de behoefte die zij in deze situatie hebben essentieel is voor hun rouwproces.
De vraag blijft of wij als professionals kunnen bepalen wat een kind precies nodig heeft. Dat verschilt per kind en kan snel over het hoofd worden gezien. Daarom is het zo belangrijk om echt met kinderen te praten en naar hen te luisteren. Dat maakt ook dat nazorg essentieel is, omdat de impact voor een kind niet stopt na de eerste opvang of acute fase.
Als Veilig Thuis bieden wij zelf geen hulpverlening, maar we doen wel een oproep aan betrokken professionals om dit goed op te pakken. Het zou vanzelfsprekender moeten zijn dat kinderen en hun omgeving passende ondersteuning krijgen, niet alleen in de eerste fase na een partnerdoding maar ook op de langere termijn.
Een vroeg signaal kan zijn dat iemand zich steeds meer afzondert. In die eerste fase zien we vaak dat contact steeds moeilijker wordt. Juist dan is het belangrijk om in contact te blijven met deze vrouw en niet af te wachten. Dit zijn signalen waarbij je vroegtijdig kunt handelen. Op de website van Veilig Thuis staan deze en andere belangrijke signalen overzichtelijk beschreven.
Ook in de medische praktijk kunnen signalen zichtbaar worden, bijvoorbeeld wanneer een vrouw altijd met iemand anders komt of nauwelijks zelf aan het woord is. Dan kan het helpend zijn om haar even alleen te spreken, als er een vermoeden is van een onveilige relatie. Bij kinderen geldt iets vergelijkbaars: eenvoudige vragen kunnen al verschil maken. Vragen als ‘Hoe gaat het met je?’ of een erkenning dat het een moeilijke periode kan zijn, laten zien dat je het ziet en dat het niet pluis is. Als je een vermoeden hebt, hoort daar ook bij dat je iets doet met die signalen en benoemt dat je ermee aan de slag gaat en beschikbaar bent. Bijvoorbeeld: ‘Weet dat ik een aantal dingen zie, ik ga ermee aan de slag’ en ‘Weet dat ik er voor je ben’.
Wat we vaak terughoren van slachtoffers is dat signalen wel gezien werden, maar niet benoemd. Juist dat benoemen is belangrijk, omdat het erkenning geeft en laat zien dat een kind niet de oorzaak is van de situatie en niet alleen staat.
We zouden daarom veel meer moeten leren van kinderen die dit hebben meegemaakt. Hun ervaringen laten zien wat helpend is en wat niet. Dat betekent ook dat nazorg niet iets mag zijn waarvoor gezinnen moeten vechten. Het zou vanzelf goed geregeld moeten zijn, met duidelijke routes en geborgde expertise. Professionals moeten weten waar ze terecht kunnen met vragen, zodat op het juiste moment de juiste ondersteuning beschikbaar is. Uiteindelijk gaat het erom dat kinderen niet tussen wal en schip vallen, maar continuïteit ervaren in zorg en aandacht die aansluit bij wat zij nodig hebben.
Meer weten?
Over het LECK
Het LECK is het Landelijk Expertise Centrum Kindermishandeling. Het LECK is 24/7 bereikbaar voor artsen bij (een vermoeden van) kindermishandeling. Een kinder- en forensisch arts kijken mee, geven advies en duiden medische bevindingen. Bel: 0900-4445444 of kijk op: www.leck.nu.
29 juni ’26